De arbeidsmarkt koelt af. Waarom blijft technisch personeel dan zo moeilijk te vinden?
De arbeidsmarkt wordt ruimer. Waarom blijft technisch personeel dan zo moeilijk te vinden?
Wie alleen naar de algemene arbeidsmarktcijfers kijkt, zou kunnen denken dat werkgevers langzaam weer wat meer keuze krijgen. De extreme krapte van een paar jaar geleden neemt af en het aantal vacatures loopt langzaam terug. Toch herkennen veel van onze opdrachtgevers binnen de installatietechniek zich nauwelijks in dat beeld.
Een goede werkvoorbereider, engineer, projectleider of technisch specialist vinden is namelijk nog steeds allesbehalve eenvoudig.
Bij VitalSelect zien we dat dagelijks. We zijn inmiddels meer dan 15 jaar actief binnen de technische arbeidsmarkt en spreken continu met zowel technische professionals als werkgevers. Natuurlijk merken ook wij dat de arbeidsmarkt verandert. Maar tegelijkertijd zien we dat de mensen waar onze opdrachtgevers naar zoeken nog steeds schaars zijn.
Hoe kunnen die twee ontwikkelingen tegelijkertijd plaatsvinden?
De Nederlandse arbeidsmarkt is inderdaad minder krap geworden
Om te beginnen is het belangrijk om de cijfers niet te ontkennen. De arbeidsmarkt is daadwerkelijk minder gespannen dan enkele jaren geleden.
Volgens de meest recente cijfers van het CBS stonden er aan het einde van het tweede kwartaal van 2026 ongeveer 375.000 vacatures open in Nederland. Tegenover iedere 100 werklozen stonden 95 vacatures. Ter vergelijking: op het hoogtepunt in het tweede kwartaal van 2022 waren dat maar liefst 142 vacatures per 100 werklozen.
Er is dus duidelijk iets veranderd. Het aantal vacatures daalt al enige tijd en werkgevers krijgen in delen van de arbeidsmarkt weer iets meer keuze. Dat betekent alleen niet automatisch dat iedere vacature makkelijker ingevuld kan worden.
Juist daar zit volgens ons een belangrijk verschil tussen de algemene arbeidsmarkt en de technische arbeidsmarkt.
Een ruimere arbeidsmarkt levert niet automatisch meer technici op
Een werkzoekende en een openstaande vacature passen niet automatisch bij elkaar.
Wanneer het aantal werkzoekenden in Nederland toeneemt, betekent dat bijvoorbeeld niet dat er ineens meer ervaren Engineers Werktuigbouwkunde, Werkvoorbereiders Elektrotechniek of Projectleiders Installatietechniek beschikbaar zijn.
Dat zien we ook terug in de cijfers van UWV. Ondanks de afkoeling was de arbeidsmarkt in het eerste kwartaal van 2026 voor 87 van de 93 onderzochte beroepsgroepen nog altijd krap of zeer krap. Vooral binnen technische beroepen blijven de tekorten groot. UWV noemt onder andere elektrotechnisch ingenieurs, machinemonteurs en loodgieters als voorbeelden van beroepen waarvoor werkgevers moeilijk mensen kunnen vinden.
Voor de installatietechniek is het beeld vergelijkbaar. UWV noemt niet alleen monteurs als kansrijke beroepen, maar ook calculators, werkvoorbereiders, ontwerpers en projectleiders installatietechniek. De arbeidsmarkt voor veel van deze functies wordt nog steeds als krap tot zeer krap omschreven.
Dat sluit behoorlijk goed aan op wat wij bij onze opdrachtgevers zien.
De vraag wordt bovendien steeds specifieker
Daar komt nog iets bij wat je moeilijk uit algemene arbeidsmarktcijfers kunt halen.
Werkgevers zoeken zelden simpelweg “een werkvoorbereider”.
Ze zoeken bijvoorbeeld iemand die ervaring heeft met grote utiliteitsprojecten, werktuigbouwkundige installaties begrijpt, met bepaalde software kan werken en gewend is om projecten van een bepaalde omvang voor te bereiden. Bij een engineer kan ervaring met BIM, specifieke gebouwgebonden installaties of een bepaald type project doorslaggevend zijn.
Hoe specifieker het profiel wordt, hoe kleiner de groep mensen die daadwerkelijk aansluit.
Dat maakt recruitment binnen de techniek anders dan alleen vraag en aanbod tegen elkaar wegstrepen. Er kunnen duizenden mensen beschikbaar zijn op de arbeidsmarkt, maar als slechts een klein gedeelte beschikt over de kennis en ervaring die een organisatie nodig heeft, blijft die specifieke arbeidsmarkt krap.
Ondertussen blijft de techniek mensen nodig hebben
Uit de arbeidsmarktprognose voor de technische installatiebranche van Wij Techniek blijkt dat er tussen 2025 en 2029 naar verwachting ongeveer 121.000 nieuwe mensen nodig zijn. Dat enorme aantal komt niet alleen voort uit groei. In dezelfde periode wordt een uitstroom van ongeveer 118.000 medewerkers verwacht. De branche moet dus voortdurend nieuwe mensen aantrekken om alleen al kennis, ervaring en capaciteit te behouden.
Vanaf 2026 wordt bovendien weer een lichte jaarlijkse groei van de werkgelegenheid in de technische installatiebranche verwacht.
Dat betekent dat werkgevers met twee uitdagingen tegelijkertijd te maken krijgen. Ze moeten nieuwe capaciteit vinden voor groei en projecten, terwijl ze ook mensen moeten vervangen die de branche verlaten.
Daarom zien we initiatieven ontstaan om veel breder naar instroom te kijken. Sinds juli 2026 is bijvoorbeeld de landelijke Techniekroute actief, waarmee verschillende technische sectoren proberen om zij-instromers gemakkelijker richting bouw, energie en techniek te begeleiden.
Die zij-instroom is hard nodig. Volgens de prognose van Wij Techniek zal ongeveer 70 procent van de benodigde nieuwe instroom uit ander werk of een uitkering moeten komen en slechts ongeveer 30 procent rechtstreeks vanuit het onderwijs.
Alleen een vacature online zetten is steeds minder een recruitmentstrategie
Voor werkgevers zit daar volgens ons een belangrijke les. Dat de algemene arbeidsmarkt iets ruimer wordt, betekent niet dat organisaties weer achterover kunnen leunen en wachten tot goede technische professionals vanzelf solliciteren.
De mensen met de juiste ervaring hebben vaak nog steeds meerdere mogelijkheden. Zeker bij functies als werkvoorbereider, engineer, projectleider of technisch specialist is het daarom belangrijk dat een werkgever duidelijk kan maken waarom iemand juist voor zijn organisatie zou moeten kiezen.
En dat gaat allang niet meer alleen over salaris.
De inhoud van projecten, doorgroeimogelijkheden, vrijheid, reistijd, flexibiliteit, bedrijfscultuur en de manier waarop iemand wordt begeleid wegen allemaal mee. Daarnaast merken wij dat snelheid belangrijk blijft. Een technisch professional die interessant is voor de ene organisatie, is dat meestal ook voor meerdere andere werkgevers.
Recruitment wordt daardoor steeds minder het plaatsen van een vacature en steeds meer het begrijpen van de persoon achter het cv.
De markt wordt ruimer, maar goede technici blijven schaars
Dat is misschien wel de belangrijkste nuance die we momenteel in de markt zien.
Ja, de Nederlandse arbeidsmarkt is minder krap dan tijdens de piek van 2022. De cijfers laten dat duidelijk zien. Maar dat betekent niet dat het tekort aan specialistische technische professionals ineens is opgelost.
Sterker nog, de bouw had in het tweede kwartaal van 2026 volgens het CBS met 73 openstaande vacatures per duizend banen nog altijd de hoogste vacaturegraad van alle bedrijfstakken.
Voor onze opdrachtgevers betekent dit dat goed werkgeverschap, een duidelijke positionering en actief recruitment belangrijk blijven. Voor technische professionals betekent het tegelijkertijd dat er nog steeds veel mogelijkheden zijn om kritisch te kijken naar hun volgende stap.
Na meer dan 15 jaar in deze markt zien wij één ding eigenlijk nauwelijks veranderen: goede technische mensen hebben keuze.
De arbeidsmarkt mag dan langzaam afkoelen, maar voor de engineer, werkvoorbereider of projectleider die beschikt over de juiste ervaring en kennis staat de telefoon voorlopig nog niet stil. Benieuwd naar de mogelijkheden? Bekijk onze laatste kansen binnen de techniek.